Geschiedenis

    De ontwikkeling van IDFA sinds de start van het festival in 1988

    Oorsprong: Festikon
    In 1987 houdt het educatieve filmfestival Festikon in Utrecht na 26 jaar op te bestaan. De organisatie van het Festikon, waar vooral documentaires werden vertoond, was in handen van het Nederlands Film Instituut (NFI). De tijden waren veranderd en de educatieve film had zijn publiek verloren.

    NFI-directeur Menno van der Molen en stagiaire en perschef Ally Derks besluiten het roer om te gooien en van het Festikon een internationaal documentaire filmfestival te maken. Met zeer bescheiden middelen en de vrijwillige inzet van een groep theaterwetenschappers komt in 1988 de eerste editie van IDFA van de grond. Het festival vindt plaats in Amsterdam, in de Balie en de ernaast gelegen bioscoop Alfa.

    1988: Een sterke start
    IDFA maakt een sterke start. Gerenommeerde documentairemakers verbinden zich aan het eerste festival: Bert Haanstra stelt de eerste Top 10 samen, Ken Loach geeft een scenarioworkshop en zijn werk wordt in een retrospectief vertoond, Johan van der Keuken leidt de eerste productieworkshop en Joris Ivens schrijft voor de eerste catalogus een steunbetuiging aan het festival.

    Daarnaast komt het festival met een uitzonderlijke primeur. In Amsterdam is in 1988 voor het eerst een overzicht te zien van oude en nieuwe documentaires uit de Sovjetunie in een periode van glasnost en perestrojka. De films schetsen een ontluisterend beeld van het land voor en tijdens deze historische periode.

    Naast de vijf films uit de Sovjetunie die in het competitieprogramma worden vertoond, brengen filmmakers uit Armenië, Leningrad, Letland en Estland een groot aantal documentaires mee, die jarenlang op de plank hebben gelegen of pas net af zijn. In allerijl wordt tijd en ruimte gemaakt voor de vertoning van deze films. In het Filmmuseum vindt een talkshow plaats met de cineasten, van wie het merendeel nog nooit in het Westen is geweest. De uitspraken van de filmmakers zeggen niet alleen veel over de Sovjetdocumentaire, maar ook over een land in transitie.

    Een bescheiden 3.000 bezoekers zien de ongeveer 80 voorstellingen, de pers is nog wat voorzichtig, maar het eerste IDFA mist zijn uitstraling niet. De NOS kondigt aan wekelijks een documentaire te zullen gaan uitzenden en ook bij andere omroepen ontstaat of herleeft belangstelling voor de documentaire.

    1989 en verder
    In 1989 wordt IDFA een zelfstandige stichting onder directie van Ally Derks en Jan Vrijman. Standplaats blijft Amsterdam. De eerste editie van het festival zet de toon voor de daaropvolgende jaren. Het competitieprogramma, de Top 10, retrospectieven van filmmakers en landen, themaprogramma’s en seminars worden terugkerende onderdelen van IDFA.

    Daarnaast gaat IDFA met zijn tijd mee en ontwikkelt het festival steeds nieuwe activiteiten en programma’s voor zowel professionals als publiek. In 1993 vindt de eerste editie plaats van IDFA Forum, IDFA's nu internationaal toonaangevende internationale coproductie en -cofinancieringsmarkt. In 1996 wordt daar de documentaire-markt Docs for Sale aan toegevoegd.

    Sinds 1998 steunt IDFA documentairemakers in ontwikkelingslanden via het IDFA Bertha Fund, voorheen bekend als het Jan Vrijman Fonds. In 2003 start de IDFAcademy, het talentsontwikkelingsprogramma dat inmiddels zowel tijdens het festival als door het jaar heen workshops voor aanstormend docutalent organiseert. En in 2007 vindt de eerste editie plaats van het nieuwe-mediaprogramma IDFA DocLab, dat inmiddels is uitgegroeid tot het voornaamste internationale platform voor multidisciplinaire documentairemakers en mediakunstenaars op het grensgebied tussen documentairekunst en nieuwe media.