De stilte in alle tonen

    • Festival
    • 6 december 2020
    • Door Simon(e) van Saarloos

    De meeste verhalen beginnen bij stilte, voordat er iets gezegd wordt. Eindigt een verhaal ooit met stilte? In emancipatorische verhalen – bijvoorbeeld over lhbtq-ervaringen – vormt stilte altijd het begin, nooit het einde. Hoe wordt stilte verteld, zonder een verbroken stilte als progressie te vieren?

    In de West-Europese context, die sterk beïnvloed is door het ideaal van Verlichting, staat de stilte symbool voor terugtrekking, voor een afwachtend leven in de schaduw. Het duister wordt voorgesteld als achtergesteld, als een plek uit het verleden om aan te ontsnappen – naar buiten en naar binnen gekeerd, van periferie naar middelpunt.

    Stilte wordt niet alleen gestigmatiseerd als vertrekpunt, in afwachting van manifestatie, maar ook beschouwd als beschaafd. Denk maar aan het toenemend aantal klachten over geluidsoverlast in gegentrificeerde buurten bij de politie worden aangegeven: wie een paar duizend euro per vierkante meter betaalt, verwacht op zijn minst een rustgevende frequentie. Sereen en stil wonen in de stad.

    Vlak voor de meest recente lockdown, toen alles dicht moest behalve de winkels, zat ik in een bioscoop in het centrum van Amsterdam. Een uitgebreide gedragsinstructie ging aan de commercials vooraf. Dertig op afstand van elkaar gezeten bezoekers hoorden dat stil blijven tijdens de film het beste was wat ze voor een ander konden doen. Een voorbeeld van ‘negatieve vrijheid’: men beschouwt het als een vorm van vrijheid wanneer de ervaring van de andere bezoeker niet verstoord wordt. Daar tegenover staat, bijvoorbeeld, het delen of stimuleren van een collectieve ervaring. Het is een teken van respect om helemaal niets te zeggen. Maar wie in zo’n openbare ruimte het ritme van zwijgen bepaalt, vertelt ook wie de stilte mag doorbreken. Iedereen hield zijn mond toen tijdens deze film, die over racisme ging, het woord ‘white’, wit, in de ondertiteling als ‘blank’ stond vertaald – een term die superioriteit veronderstelt ten opzichte van het n-woord.

    Stilte kent veel tonen. In Nothing But The Sun klinkt ze luid door in de onderdrukking van Ayoreo-liedjes. De titel suggereert het einde van een pluriforme, gedeelde wereld. Dat einde is al decennia, eeuwen aan de gang: ‘Misschien is de zon het enige dat witte mensen nog niet als hun eigendom beschouwen.’ Met behulp van een bandrecorder verzamelt Mateo de verhalen van de Ayoreo in Paraguay. Hij spreekt de man met wie hij, toen ze nog jongens waren, ‘de witten’ door de bossen loodste. Hun beider ouders stierven aan de mazelen, meegebracht door de missionarissen. Hij weet dat er nog Ayoreo in de bossen leven die het sjamanisme praktiseren, in plaats van het christendom aan te hangen dat het sjamanisme tot zonde verklaart. Hij ziet voor zich hoe ze zingen terwijl ze overdag hun gewone dingen doen. Wanneer witten voetafdrukken van Ayoreo-schoeisel ontdekken, maakt Mateo zich zorgen. Elk teken van hun bestaan is veel te luid – witte mensen horen er meteen de kans in om hun gewoonten, spijkerbroeken, overhemden en hun gympen, hun god en hun kapitalisme aan ze op te leggen.

    Stilte kan een gevolg van trauma zijn, zoals het geval is in Silent Voice voor Khavaj uit Tsjetsjenië, die zijn stem verloor. Khavaj is op de vlucht voor homojagers, hij verhuist in België voortdurend van de ene naar de andere stad, op de vlucht voor zijn familie en iedereen die hem kan identificeren. Omdat Khavaj een bekende vechtsporter is, wordt hij gemakkelijk herkend: zijn roem en zichtbaarheid bieden geen bescherming. Waarom nog hardop praten als elke bestaanskreet je in gevaar brengt?

    In Unforgivable blijkt het gemakkelijker om over seriemoord en kannibalistische razernij te spreken dan over de liefde voor een andere man. Twee geliefden strelen elkaar over de wang, een compleet bendeverleden staat op hun gezichten getatoeëerd. Een van de geliefden, Geovanny, schrijft een officiële verklaring aan het gevangenisbestuur: ik kan hier niet blijven, want deze gevangenis wordt gerund door een evangelische kerk. Het is geen toeval dat de aanwezigheid van christenen een officiële ‘coming out’ afdwingt. Het christelijk kolonialisme vereist altijd al ‘duidelijkheid van de Schrift’. Zo werd na koloniale inmenging de prostitutie gelegaliseerd: zolang je officieel als sekswerker geregistreerd stond, voor een erkend bordeel werkte, in een daartoe aangewezen huis vol verderf en je jezelf aan de verplichte SOA-tests onderwierp, kon je worden gecontroleerd en mocht je bestaan. Geovanny’s vriend daarentegen weigert een verklaring te schrijven en blijft in de gevangenis. Hij wil niet als homoseksueel ‘uit de kast komen’, al maakt hij daarmee de meeste kans op leven. Want God luistert mee. En hij is bang voor de reactie van zijn moeder

    Duidelijker wordt het niet. Er is vooral conflict. En dit gebrek aan duidelijkheid is niet het probleem: het is de ideologische eis tot transparantie en leesbaarheid die geweld doet aan de eindeloos veel manieren waarop we kunnen bestaan, geloven, liefhebben, aankleden, zingen. Die leesbaarheidseis heeft concrete gevolgen: de Nederlandse immigratiedienst, de IND, kan besluiten dat je niet gay genoeg bent voor de status van lhbtq-vluchteling. Onlangs overkwam dat Happy, die – ook al onlangs – in een asielzoekerscentrum met kokend water werd overgoten. Hoewel ze was aangevallen omdat ze homo is, bleek ze niet lesbisch genoeg voor een verblijfsvergunning. Ook weigerde de IND Justine uit Oeganda, die in 2018 door nonnen uit een Amsterdams klooster werd gezet, omdat ze was 'ge-out' toen ze Pride wilde vieren.

    De films in IDFA's Wegwijzer Show Me Your ID tarten iedere mogelijkheid om de autoriteiten gerust te stellen en aan hun eisen tegemoet te komen. Al deze films – of ze nu worden verteld door showgirls in Pakistan of een Zwarte feministische politicus in Tunesië – laten zien dat het onmogelijk is om zich te schikken naar de machthebbers die om één unieke identiteit vragen, één enkel wezen. De meeste, maar niet alle films in dit programma gaan expliciet over lhbtq-kwesties. De meeste, maar niet alle, tonen de aanwezigheid van het koloniale christendom. De ingang van de gevangenis in El Salvador waar Geovanny woont, is opgesierd met een afbeelding van een witte, blonde en blauwogige Jezus. Het gebiedende "Show Me Your ID" van een politieagent of douanier is fundamenteel verbonden met de notie van een vrijheid die terugvoert naar één enkele oorsprong. Die ene oorsprong dwingt duidelijkheid af omdat, om losjes uit For Opacity van Edouard Glissant te citeren, het eisen van totaliteit het potentieel van de totaliteit in de weg staat. De eis tot eenheid slorpt alle verschillen op.

    In de seculiere westerse opvatting van het lhbtq-leven is plaats voor slechts één oorsprong: je wordt zo geboren. Daarna hoef je alleen nog maar uit de kast te komen, trots liefde = liefde te verklaren en een leven te leiden als ieder ander, ook al ben je toevallig homo. ‘Geen probleem’ ligt je in de mond bestorven. Niets staat je in de weg om een stabiel en productief wit middenklasse-leven te leiden. Negatieve vrijheid – je eigen ding doen zonder iemand lastig te vallen; door geen mens gehinderd worden – bestaat ook (maar is niet voor iedereen weggelegd of gewenst). In een monotheïstische religie is God de enige oorsprong. Als koloniaal exportproduct betekent God: bepaalde kleren dragen, afstand doen van het land omwille van winst, chronologisch genummerde verzen lezen, een duidelijk idee van goed en kwaad aanhangen

    "Show Me Your ID" – het klassieke dwingende verzoek, net zo bekend als het "Hey, jij daar" van de politieagent – is een eis: blijf staan, laat je zien. Om te onthullen, uit de kast te komen. Naar persoonlijke gegevens of verhalen wordt niet gevraagd, alleen maar naar de officiële categorie waar je onder valt. Het ‘me’ en ‘you’ zijn duidelijk verschillend, er is iemand aan het woord en iemand die een bevel krijgt. Maar in de eis van de spreker klinkt ook de wanhopige roep om duidelijkheid. Het is niet moeilijk je voor te stellen dat deze eis herhaald wordt: “Laat me uw identiteitsbewijs zien. Uw ID alstublieft”. En in die herhaling zit ook de weigering. De weigering een identiteitsbewijs te tonen vormt een grote bedreiging voor de autoriteiten, omdat een niet-geïdentificeerd iemand gemakkelijk kan uitgroeien tot velen.

    Deze website maakt gebruik van cookies.

    Door het gebruik van cookies kunnen wij meten hoe onze site wordt gebruikt, hoe deze nog verder kan worden verbeterd en om de inhoud van online advertentie uitingen te personaliseren.

    Lees
     hier alles over ons cookiebeleid. Indien je kiest voor weigeren, plaatsen we alleen functionele en analytische cookies